Toen Bruintjes de deur half open deed nam de persoon de gelegenheid om direct bij hem binnen te stappen. Het was een lang figuur, gehuld in een donkere mantel met kap over zijn hoofd. Ernst vroeg wat hij kwam doen en wat de man van hem wilde. Een vervreemde stem klonk in het hoofd van Ernst, alsof het van een ander deel van de wereld kwam. De man toonde een flesje met witgrijs poeder. Ernst schrok, want in dat flesje zaten botresten van Flamidia Burns, een leerling. De vileine stem sprak verder alsof het de normaalste zaak van de wereld was. “Haar offer was puur en nodig voor het grotere geheel” beweerde hij. De Bezwering Brouwer kreeg de opdracht om met deze botresten een uiterst moeilijk brouwsel te maken. Hypnodust was iets dat uit de westelijke deel van de wereld kwam en enkel door Bezwering Brouwers te maken. De in duister gehulde persoon pakte een lederen geldbuidel uit zijn borstzak en even was er een soort ketting te zien met een smeedijzeren amulet in de vorm van een ramskop. De zak met geld was voldoende om de aflossing van de huur mee te betalen en nog meer dan dat. Ernst kon hiermee een kijkkristal kopen en zo zijn zus weer zien. Hij sloot zijn ogen, opende ze en was in een totaal andere kamer. Nu een aantal jaar later, met tegenover hem een tweetal personen in grijs pak. Beide heren zaten met een notitieblok en luisterden aandachtig naar het verhaal dat meneer Bruintjes vertelde. Een van de mannen van het Magisch Uniment zei, toen bruintjes klaar was met het verhaal; “na al die jaren, we hadden niets door en gewoon onder ons neus gebeurd’…